Wordt verwacht in de nieuwste TKP

KCE rapport: Hoe de organisatie van de geestelijke gezondheidszorg voor ouderen verbeteren? - Luc Van de Ven

De geestelijke gezondheidszorg voor ouderen kent nog maar een korte geschiedenis. Toch zien we de laatste decennia tal van ontwikkelingen en nieuwe initiatieven in dit domein. En dat is zeker geen overdreven luxe: iedereen is zich bewust van de demografische realiteit met een enorme toename van het aantal senioren, met binnen deze groep een relatief gezien nog grotere toename van het aantal hoogbejaarden.

Uiteraard zijn er vele senioren die met volle teugen en zeer bewust met hun geliefden van het leven genieten. Maar daarnaast worstelen anderen met angsten of depressieve gevoelens; voor sommigen kan het besef van verminderde cognitieve functies extreem bedreigend zijn.

Vele zorgverleners beschouwen geestelijke gezondheidsproblemen als normale ouderdomsverschijnselen zodat een adequate behandeling achterwege blijft. Een accurate diagnose wordt bovendien nog bemoeilijkt door multimorbiditeit en polymedicatie.

Ondanks deze vaststellingen werden de ouderen in een aantal recente hervormingen van de geestelijke gezondheidszorg ‘vergeten’. Om deze leemten op te vullen, vroeg de Federale Overheidsdienst (FOD) Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en leefmilieu aan het Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg (KCE) om na te gaan of er in het buitenland modellen voor de zorgorganisatie bestaan die voldoen aan de specifieke behoeften van de geestelijke gezondheidszorg voor ouderen.

 

Twee breinen … maken we ze ongedaan? - Jos Peeters

Dit jaar verscheen het boek Twee breinen, met als ondertitel Daniel Kahneman & Amos Tversky: een vriendschap die ons denken veranderde. Het is de vertaling van The Undoing Project: A friendship that changed our minds van Michael Lewis uit 2017. Twee psychologen die plots mythische vormen aannemen in een biografisch boek waarin het verhaal van hun vriendschap wordt verteld? En zij werden beroemd omdat ze ‘dachten over denken’? Een kans om erbij stil te staan via een eenvoudig ABC. Eerst een opsomming van de Antecedenten: hoe is het zover kunnen komen? Vervolgens een overzicht van het Boek zelf. Afsluiten gebeurt met bedenkingen over de Consequenten van het werk van Kahneman en Tversky voor de psychologie en de klinische psychologie: kunnen ze de toekomst van de psychologie helemaal op een ander spoor zetten … of gaan we ze ongedaan maken?

 

Plasticiteit bij een Cerebellair Cognitief Affectief Syndroom (Schmahmanns Syndroom) als gevolg van een cerebellair trauma op jonge leeftijd - Annemie Verwimp, Kim van Dun, Peter Mariën

Het cerebellum werd gedurende lange tijd uitsluitend beschouwd als coördinator van autonome en motorische functies. Sinds 1980 is deze visie echter fundamenteel uitgebreid en werd de rol van het cerebellum in cognitie en affect steeds meer erkend. De invloedrijke studies van Jeremy Schmahmann maakten de betrokkenheid van het cerebellum in (sociale) cognitie, stemming en persoonlijkheid onbetwistbaar. In 1998 introduceerden Schmahmann en medewerkers de term “Cerebellair Cognitief Affectief Syndroom” (CCAS/Schmahmann syndroom). Zij beschreven 20 patiënten met focale cerebellaire letsels en een terugkerend patroon aan cognitieve disfuncties, namelijk (a) gestoorde executieve functies (planning, set-shifting, abstract redeneervermogen, werkgeheugen, en gedaalde verbale vlotheid), (b) afwijkende spatiële cognitie, (c) persoonlijkheidsveranderingen en (d) taalmoeilijkheden (disprosodie, agrammatisme en milde anomie). Er wordt gesteld dat deze disfuncties een gevolg zijn van een verstoring van het cerebello-cerebrale netwerk. Er wordt verondersteld dat cerebellaire laesies op jonge leeftijd permanente cognitieve en affectieve disfuncties kunnen induceren, als gevolg van disruptie van het cerebello-cerebrale netwerk. Bovendien stelt men dat het cerebellum minder plastisch reageert op traumata op jonge leeftijd. Om de potentiële rol van cerebellaire neuroplasticiteit op functioneel niveau na te gaan, beschrijven we een longitudinale opvolging van een patiënte met verworven cerebellaire schade op jonge leeftijd. Het neuropsychologisch onderzoek onthulde significante tekorten op vlak van de visuospatiële en constructieve vaardigheden (constructieapraxie), mentale flexibiliteit en het vinden van doelgerichte strategieën, 44 jaar na het letsel.  Ook op gedragsmatig (affectief) vlak vonden we hardnekkige tekorten: onaangepast sociaal gedrag, zowel in haar privéleven, als op de werkvloer. De patiënt is niet in staat om haar emoties adequaat te reguleren. We veronderstellen dat schade op jonge leeftijd de normale ontwikkeling van cognitie en affect verstoord heeft en dat het cerebellum onvoldoende kan compenseren, wat resulteert in permanente disfunctie.

 

Recensies van de volgende boeken

Culturele competenties: geen praktijk zonder degelijke theorie en zelfreflectie

Jozefien De Leersnyder

 

Wegwijs in ontwikkelingsstoornissen

Jurgen Lemiere

 

Forensische diagnostiek en de rorschachtest

Johan Vereycken

 

Ergens tussen lijf en hoofd

Katrien Vanfraussen

 

Hulpverlening aan ouders en jonge kinderen bij gehechtheidsproblemen

Sandra den Hollander

 

 
Deel dit bericht
Deel dit bericht